Wijziging in de beschikbaarheid van insulinepreparaten
Diabetespatiënten gebruiken vaak lange tijd dezelfde soort insuline. Dat geeft stabiliteit en een vorm van vertrouwen. Maar er zijn een aantal belangrijke veranderingen voor de deur betreffende de beschikbaarheid van de, voor heel wat patiënten, vertrouwde insuline.
Verschillende insulinepreparaten verdwijnen van de Belgische markt
De voorbije twee jaar heeft Novo Nordisk beslist om een aantal oudere insulinepreparaten geleidelijk uit de handel te nemen. Deze beslissing is een commerciële keuze en houdt geen verband met kwaliteits- of veiligheidsproblemen.
Ondertussen zijn de laatste voorraden Actrapid® en Insulatard® volledig uitverkocht, waardoor deze humane insulines niet langer beschikbaar zijn in België. Daarnaast verdwijnen tegen eind 2026 ook Levemir®, NovoMix® 50 en Fiasp® (enkel de PumpCart® voor insulinepompen, de pennen blijven op de markt).
Ook de beschikbaarheid van Humalog Mix® 50 verandert
Niet alleen Novo Nordisk bouwt zijn gamma af. Ook de cartridgevorm van Humalog Mix® 50 (Eli Lilly) verdwijnt van de markt. De vooraf gevulde pennen met Humalog Mix® 50 blijven wel in de handel. Dat maakt dat het huidig aanbod gemengde insulinepreparaten met een 50/50-verhouding snel- en traagwerkende insuline wordt ingeperkt tot de vooraf gevulde pennen Humalog Mix® 50. Enkel deze laatstgenoemde zullen vanaf 2027 nog beschikbaar zijn.
Wat betekent dit voor de thuisverpleegkundige?
Merk je als thuisverpleegkundige dat een patiënt een insulinepreparaat gebruikt dat verdwijnt of waarvan de toedieningsvorm wijzigt? Verwijs de patiënt dan tijdig door naar de behandelend arts of endocrinoloog.
Wacht hier niet mee tot de voorraad volledig verdwenen is. Een overschakeling naar een ander preparaat vraagt opvolging, uitleg en soms aanpassing van gewoontes. Voor patiënten die al jaren hetzelfde product gebruiken, kan dit onzekerheid geven.
Aandachtspunten bij overschakeling naar een nieuwe insuline
Wanneer een patiënt overschakelt naar een nieuw insulinepreparaat of een nieuwe toedieningsvorm, kan de thuisverpleegkundige een belangrijke rol spelen in de opvolging.
Let onder meer op volgende zaken:
- Meet na de overschakeling gedurende minstens één week dagcurves, of volg het voorschrift van de arts.
- Wees extra alert voor tekenen van hypoglycemie of hyperglycemie.
- Herhaal bij de patiënt en de naasten de belangrijkste symptomen en aanpak van hypo- en hyperglycemie.
- Ga na of de patiënt beschikt over een recente en goed werkende glycemiemeter, teststrips en lancetten.
- Controleer of de patiënt de nieuwe insuline en de eventuele nieuwe injectiepen correct gebruikt.
- Neem bij afwijkende glycemiewaarden of twijfel contact op met de behandelend arts.
Besluit
De wijzigingen in de beschikbaarheid van insulinepreparaten kunnen voor patiënten een grote praktische impact hebben. Zeker bij patiënten die al jaren hetzelfde preparaat gebruiken, is tijdige opvolging belangrijk.
Voor thuisverpleegkundigen is de boodschap duidelijk: wees alert, signaleer tijdig en verwijs door naar de behandelend arts wanneer een patiënt een insuline gebruikt die verdwijnt of waarvan de toedieningsvorm wijzigt. Zo kan de overschakeling veilig en goed voorbereid verlopen.